Weblog

Breedband: haal doel en middel niet door elkaar

Friesland heeft ambitie. Volgens een persbericht van de provincie van 29 juni j.l. moet iedere Fries op breedband worden aangesloten, met welke techniek dan ook. Dat is een goed idee, want de wereld wordt alsmaar digitaler. Zonder toegang tot breedband is het steeds lastiger om mee te kunnen doen in economie en maatschappij.

Breedband kan op allerlei manieren tot stand komen. Onafhankelijke onderzoeken geven aan dat écht en toekomstvast breedband via zowel kabel als glasvezel tot het huis komt.
Daarnaast zal ook met nieuwe draadloze technieken een hoge internetsnelheid kunnen worden gehaald. De provincie gaat nu onderzoeken welke techniek men wil gaan gebruiken. Daar dreigt gevaar van verspilling van Fries belastinggeld.

“De markt” voor breedband werkt in ons land. Door concurrentie tussen KPN en kabelbedrijven heeft Nederland de modernste infrastructuur ter wereld. Nergens anders hebben zo veel huishoudens toegang tot supersnel breedband als hier. Een paar procent van alle huizen in ons land is echter niet op breedband aangesloten. In netwerktermen liggen die huizen in zogenaamde onrendabele gebieden. Wat zou een provincie kunnen doen om ook die huizen aan te laten sluiten?
Ten eerste: de onrendabele gebieden heten niet voor niks zo. De afstanden die met de kabels moeten worden overbrugd zijn zo groot, dat het nooit uit kan. Dat is al lang zo, want ook toen de overheden nog zelf kabels aanlegden zijn die huizen niet aangesloten.
Ten tweede: er moet een doorzichtige aanbesteding komen. Het gaat om het doel, niet om het middel. De overheid kan een doelstelling neerzetten, bijvoorbeeld: sluit het onrendabele gebied aan met een snelheid van 100 Mbps. Vervolgens vraagt die overheid aan marktpartijen: “doe mij een goed aanbod om dat doel te realiseren”. Dan zullen marktpartijen voorstellen doen. Bij iedere voorgestelde techniek hoort een apart prijskaartje. De overheid kan dan kiezen voor de meest economische manier om de doelstelling te realiseren, misschien kost het wel helemaal geen geld.

Dit voorstel is transparant en zal leiden tot én realisatie van de breedbanddoelstelling én tot relatief lage kosten. Een eigen provinciaal onderzoek naar de beste techniek leidt tot onnodig hoge lasten voor de Friese burger.

Ten eerste lijken sommige provincies wat bevooroordeeld qua techniek. Er gaan veel stemmen op om zonder meer voor de duurste oplossing te kiezen, glasvezel naar ieder huis en iedere boerderij. Dat is de zaak omdraaien: men kiest dan voor middel in plaats van voor doel.

In de tweede plaats dreigen rendabele en onrendabele gebieden vermengd te worden. Dat is niet nodig, want de markt prima werkt op een enkele uitzondering na. De kabelbedrijven hebben vanaf 2008 zelfstandig hun netwerken vernieuwd zodat elke kabelklant toegang heeft tot toekomstvast breedband. En verder legt Reggefiber/KPN een nieuw netwerk aan in Leeuwarden, en ook de rest van haar netwerk zal KPN zelf moderniseren. Als de provincie nu gaat kiezen voor financiële bijdragen aan de rendabele gebieden, is dat onnodig en duur voor de Friese burger.

De breedband infrastructuur is bijna overal beschikbaar. Die moet nog wel beter worden benut. De overheid kan daar écht het verschil maken, door te investeren in dienstenontwikkeling zoals zorg op afstand.

Kortom: de ambitie van Friesland voor breedband is prima. Laat het doel prevaleren (supersnel internet), en niet het middel (de techniek). Start een transparante aanbesteding van alleen die gebieden die nu nog geen breedband hebben, om dat doel te bereiken, en zie, de Friese burger zal veel goedkoper uit zijn dan nu dreigt.

Deze tekst is ook gepubliceerd in de Leeuwarder Courant van 15 juli j.l